RUIMEN VAN OORLOGSTUIGEN

Langs onze stranden werden tijdens de Eerste en Tweede Wereldoorlog verschillende verdedigingslinies gebouwd en bombardementen uitgevoerd. Veel van deze projectielen liggen onder het zand bedolven maar zijn wel nog actief.

De afdeling Kust spoort het strand sinds 1997 systematisch af naar deze niet-ontplofte oorlogstuigen. Op basis van magneetdetectie worden de vreemde voorwerpen in kaart gebracht. De detecties gaan tot twee meter diep. De vreemde voorwerpen kunnen metaalhoudende objecten zoals bommen en mortieren zijn maar ook ongevaarlijke metalen voorwerpen. Op basis van deze kaarten en historisch onderzoek wordt dan gericht gegraven naar deze objecten. Als men gevaarlijke tuigen vindt, wordt de ontmijningsdienst van het Belgische leger (DOVO) erbij gehaald om ze te vernietigen. De lokale besturen worden hierin betrokken om toe te zien op de veiligheidsprocedures.

De stranden van De Panne en Koksijde en grote delen van het strand van Oostende, Bredene en Wenduine zijn zo al opgekuist. Momenteel is het strand van De Haan, tussen het Zeepreventorium en De Vosseslag aan de beurt.